Een duurzame erkenning

Printvriendelijke versie
"De erkenning voor sociaal-cultureel volwassenenwerk moet de drempels naar andere erkenningen door de overheid verlagen."
Wat gebeurt er? 
Het decreet voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk gaat uit van een duurzame erkenning en subsidiëring van organisaties. Dat vinden we goed, want het geeft meer zekerheid aan de beroepskrachten en vrijwilligers van instellingen, bewegingen en verenigingen om een duurzaam beleid te kunnen voeren. We ervaren echter dat deze “erkenning” door de Vlaamse overheid nog te weinig consequente invulling krijgt. Zij heeft haast geen gevolgen voor andere erkenningen of vergunningen: telkens opnieuw moeten organisaties zichzelf volledig bewijzen als ze hiervoor een aanvraag doen.
Wat moet er gebeuren? 
Het decreet voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk zet blijvend in op een duurzame erkenning en subsidiëring, vanuit een geest van vertrouwen en partnerschap. Deze erkenning maakt ook andere erkenningen/vrijstellingen mogelijk.
Dat betekent onder meer 
  • De Vlaamse overheid maakt afspraken tussen bestuursniveaus en departementen over de automatische gevolgen van onze erkenning als sociaal-cultureel volwassenwerk, bijvoorbeeld in het kader van:
    • de erkenning voor de uitreiking van fiscale attesten 
    • de erkenning in het kader van de opleidingscheques voor werknemers
    • de erkenning van opleidingen in het kader van de KMO-portefeuille
    • vrijstellingsregelingen in het kader van de BTW-wetgeving
    • vrijstellingsregelingen in het kader van de wet op de overheidsopdrachten
    • vrijstellingsregelingen in het kader van de ambulante handel

    •  
  • De meerjarige subsidie-enveloppes, de diversiteit aan organisaties en de gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van de overheid en de sector bij de evaluatie van de werking moeten onverkort blijven gelden als belangrijke basisprincipes in het decreet. 
  • Aan de erkenning binnen het decreet is vanzelfsprekend een verantwoordingsplicht gekoppeld. De Vlaamse overheid en de sector moeten samen nagaan op welke manier de administratieve en planlasten zowel voor de organisaties als voor de overheid nog kunnen verminderen.